artikel

BIM en vertroebeling leiden tot hoge kosten

bouwbreed Premium

De kostenbesparing die het Bouw Informatie Model (BIM) in theorie mogelijk maakt, wordt in de praktijk zelden gerealiseerd. Oorzaak hiervan is de vertroebeling van de rollen die de spelers in de bouwketen vervullen, zo betoogt Jaap Wiedenhoff.

BIM maakt in theorie een betere samenwerking mogelijk tussen de partijen in de bouwketen door alle informatie van een project digitaal te ontsluiten. De huidige inspanningen van onder meer de Bouw Informatie Raad (BIR) om tot een digitale standaard te komen zijn wat dat betreft een goede ontwikkeling.

Toch zal de introductie van een BIM-standaard er niet voor zorgen dat de efficiencywinst die met BIM behaald kan worden, ook wordt gerealiseerd. In tegendeel, BIM zal in de praktijk ook met een digitale standaard voor onnodige hoge kosten blijven zorgen. Oorzaak hiervan is de ‘BIM-paradox’.

De afzonderlijk spelers in de bouwketen worden door de introductie van BIM gedwongen om hun vaste positie te verlaten en in beweging te komen. Dit op zich positieve bijeffect van de digitalisering van het bouwproces leidt er in de praktijk toe dat bouwpartijen hun rol in het bouwproces verruimen naar gebieden waar zij eerder niet actief waren. Bijvoorbeeld architecten die de uitvoerende rol van de bouwer overnemen. Of bouwers die de engineering naar zich toe trekken.

Bouwpartijen rekken hun rol over het algemeen niet op om het proces als geheel efficiënter te maken. Het meest voorkomende motief voor deze werkwijze is om een andere partij in de productieketen buiten spel te zetten. Dit gedrag komt voort uit de traditionele manier van werken in de sector waarbij geprobeerd wordt om aan elkaar geld te verdienen in plaats van met elkaar. Kun je als bouwer bijvoorbeeld de architect of het ingenieursbureau uit het proces drukken, dan schakel je een partij in de ‘uitknijpketen’ uit en haal je een extra marge binnen. Tel uit je winst.

De realisatie van een nieuw gebouw begint bij het bedenken van een ontwerp of concept. Vervolgens moet dit technisch worden uitgewerkt. Door de jaren heen is een knip ontstaan tussen conceptontwikkeling en engineering en hebben uitvoerende partijen de engineering naar zich toegetrokken. Deze in de praktijk ontstane situatie leidt doorgetrokken naar de ‘nieuwe wereld’, waarin de concurrentie groot is en de drempel om de eigen rol te verruimen laag, tot onnodig dure BIM-trajecten.

De bedenker van een concept, over het algemeen een architect, werkt bij een BIM-traject zijn ontwerp digitaal uit. Dit gebeurt in samenwerking met een ingenieursbureau. Maar omdat de bouwer de engineering van de ontwerper niet vertrouwt en op basis van zijn eigen berekening het project uit wil voeren, doet hij al het engineerwerk nog eens over. Het gevolg is dat de kosten voor de engineering van een BIM-project algauw meer dan verdubbelen.

Om het kostenbesparende potentieel van BIM volledig te kunnen benutten, zou engineering een vaste plek in de keten moeten krijgen. Je zou die neer kunnen leggen bij de uitvoerende partij of bij de ontwerpende partij, op zich maakt dat niet zoveel uit. Het ligt alleen wel voor de hand om de verantwoordelijkheid voor de engineering bij de bedenker van het concept neer te leggen. Want die is er het beste voor ingericht om dit onderdeel van het bouwproces optimaal en efficiënt uit te voeren.

De Nederlandse bouwsector houdt de ‘BIM-paradox’ in stand zolang de huidige status quo in de productieketen niet wordt doorbroken. Wat dat betreft wil de Nederlandse bouwsector zich wel technologisch vernieuwen, maar niet inhoudelijk. Komt echter de inhoudelijke vernieuwing niet tot stand, dan houden technologische vernieuwingen als BIM de huidige inefficiënte werkwijze in stand. En dat terwijl BIM een unieke kans is om de bouwketen zo optimaal als mogelijk te laten functioneren.

Reageer op dit artikel