artikel

Schijnveiligheid

bouwbreed Premium

Schijnveiligheid

Als u dit leest zit ik lekker in het vliegtuig, onderweg naar één of ander zonnig (of regenachtig) oord. In een metalen kistje, kilometers boven de grond, mezelf veilig te voelen.

Want er zijn reddingsvestjes aanwezig, er vallen automatisch zuurstofmaskers uit het plafond, alle passagiers hebben alleen flesjes met minder dan 100 ml bij zich en iedereen heeft zijn telefoon uitgezet. Toen ik onderweg naar Schiphol door de Tweede Coentunnel reed, had ik datzelfde veilige gevoel. Blusinstallaties, lichtjes, de nieuwste software, mij kan niks gebeuren. En ook toen ik in mijn auto stapte die ochtend: airbags, kreukelzones, automatisch remmen als ik te dicht op mijn voorganger rij. Ik hoef zelf niet eens meer op te letten. Jammer dat daar het veiligheidsniveau per saldo dus niks mee opschiet. En die tunnel?

Zoals Ira Helsloot al eens opmerkte: veiligheid is een speelbal van budgetten en een landelijk politiek afschuifspel. Aangezien er (te) veel instanties zijn die enkel veiligheid als belang hebben, en niemand de verantwoordelijkheid wil nemen als er wel wat gebeurt, is zo’n tunnel toch nooit veilig genoeg. Ook niet als die veiligheid in de praktijk schijnveiligheid is. Uiteindelijk heb je niets aan een nooddeur als er een tankwagen in de tunnel ontploft. Laat ik maar niet te lang stilstaan bij de meerwaarde van een zuurstofmasker als je met maximale snelheid ter aarde stort.

Wat is nog de waarde van veiligheid op papier als die ene grote ongewenste gebeurtenis optreedt of als de gebruiker zich ondanks alle voorzieningen gewoon onveilig gedraagt? Ook op de bouw zorgen standaardmaatregelen voor blinde vlekken. Veiligheidsprocedures blijken afvinklijstjes waarbij niet meer wordt nagedacht. En iedere dag dezelfde handeling uitvoeren maakt dat je iedere keer, zonder dat je het doorhebt, net een beetje meer risico neemt. Met alle gevolgen van dien. Maar dat zal ons wel niet gebeuren, toch?

Bas Klaver, procesmanager VBK Groep

Reageer op dit artikel