artikel

Falend verdienmodel vraagt om vervanging

bouwbreed Premium

Het haperende verdienmodel in de bouwsector vraagt om een drastische ingreep. Er is genoeg gepraat, tijd voor actie, vind Piet Oskam.

Er is veel aandacht voor het schrale economische klimaat, waardoor de verdienmachine is gaan haperen. Er wordt ook veel gekeken naar de negatieve effecten van het overheidsbeleid, waardoor de al haperende verdienmachine geheel tot stilstand dreigt te komen. Er is nog weinig aandacht voor de gebrekkige kwaliteit van de verdienmachine zelf, waardoor het gure klimaat en ‘de stok van Blok’ de verdiencapaciteit zo sterk konden doen slinken. Een drastische ingreep in het haperende verdienmodel kan kosten en opbrengsten van bedrijven in de bouwkolom beter in balans brengen.

Er wordt veel geroepen en getoeterd over de richting waarin de bouwsector zich ontwikkelt of moet ontwikkelen. Getalenteerde goeroes stallen aanlokkelijke visioenen uit, futuristen maken furore met verleidelijke toekomstbeelden. Veel terugkerende ingrediënten in deze melange aan smaken zijn begrippen als duurzaamheid, klantgerichtheid en integratie. De horizon is daarmee verkend en vastgelegd, de route waarlangs ondernemers deze vergezichten kunnen bereiken, is vaak nog onbekend en onontgonnen. Er is veel aandacht voor de cultuur, minder voor de structuur. Makkers ontmoeten elkaar, over ketenintegratie wordt volop gepraat en gestudeerd en slimme bouwers buitelen over elkaar heen. Oppervlakkig gezien bruist het in de bouwsector volop van de vernieuwing. Ondertussen blijft de bedrijfspraktijk nog vaak op de oude leest geschoeid, zij het dat de vaart er steeds meer uitraakt. Tijd voor actie. Er is genoeg gepraat in gremia als de Regieraden Bouw 1 en 2, Vernieuwing Bouw en de klassieke brancheorganisaties. Met alleen window dressing krijgt het Bouwhuis geen nieuwe inrichting. Om dat te bereiken, zal een heel nieuwe richting moeten worden ingeslagen.

Daarnaast heeft de overheid er nog eens een flinke stok in gestoken. Alle aandacht gaat nu uit naar dat vervelende zand en die onredelijke stok. Daarmee wordt de aandacht sterk gericht op externe factoren. Daarmee blijven interne factoren onderbelicht. Waarom is de verdienmachine van de bouwsector zo vreselijk vatbaar geweest voor de invloed van externe factoren? Waarom hebben we het gure weer niet doorstaan? Waarom de overheid niet getrotseerd? Daar zijn heel goede verklaringen voor te vinden. Als we ons daardoor laten leiden, vervallen we in een slachtofferrol. Als we ons daaraan kunnen onttrekken en de aandacht richten op de interne zwakten en manco’s van ons eigen verdienmodel, dan krijgen we een effectieve remedie in het vizier. De vraag is dan of we de klassieke verdienmodellen weer op orde kunnen krijgen. Kunnen we met het oude voertuig verder of stappen we over in een eigentijds, dynamisch en snel voertuig?

Een verdienmodel is een bestanddeel van een businessmodel. Als je alleen een motor hebt, heb je nog geen mobiliteit. Het verdienmodel beschrijft de wijze waarop geld wordt verdiend, waarop opbrengsten worden gegenereerd en kosten gemaakt. Een businessmodel vraagt een bredere benadering en omvat de vragen voor wie, wat en hoe door een onderneming wordt geproduceerd. Dat zijn cruciale vragen, die we vaak uit het oog verliezen of onbewust als beantwoord beschouwen. Dan weten we niet meer voor wie we bezig zijn. Wat we eigenlijk produceren en leveren. Op welke wijze we daaraan uitvoering geven. Als we die vragen hebben beantwoord, kan de ontwikkeling van een verdienmodel beginnen. Als we ontdekken waarom de huidige verdienmachine stagneert, kunnen we aan de slag met de ontwikkeling van een nieuwe verdienmachine. Dat vraagt duidelijke antwoorden op heldere vragen. Welke meerwaarde bieden wij? Of welk marktsegment richten wij ons daarmee? Deze transitie vraagt vooral vraagsturing en klantfocus. Dat maakt dat een toekomstig verdienmodel immuun is voor een regelende overheid en toekomstbestendig door samenwerking met eindgebruikers, ketenpartners , financiers en bestuurders. In de huidige crisis laten we ons gemakkelijk meeslepen in veelbelovende toekomstbeelden. Als makkers in de bouw. Als een op hol geslagen kudde schuilen we onder een provisorisch afdak. Om de crisis echt te doorstaan, zijn daadwerkelijke stappen nodig. Daarvoor is meer dan een grondige revisie van de huidige verdienmachine in de bouwsector nodig. Dat vraagt om vervanging.

Reageer op dit artikel