artikel

De verwarring voorbij

bouwbreed Premium

Het Bouw Informatie Model levert alle partijen in de bouw voordelen op. Knelpunten zijn eerder zichtbaar, faalkosten dalen en de kwaliteit stijgt. Alle reden dus om ervoor te zijn, vindt Titia Siertsema.

Hoe meer we binnen het vakgebied techniek dezelfde taal spreken, des te efficiënter kunnen we werken. De installatiebranche heeft al een eerste stap gezet naar de invoering van zo’n gemeenschappelijke taal. Het Europees Technisch Informatie Model (ETIM) is een digitale, internationale standaard voor installatieproducten. Uneto-VNI heeft vorig jaar diverse partijen opgeroepen om software en technische documentatie in lijn te brengen met ETIM. En dat blijkt te werken. Nu is het tijd voor een volgende stap: BIM.

BIM staat voor Building Information Model. Of, in goed Nederlands: Bouw Informatie Model . In tegenstelling tot het traditionele ontwerp- en bouwproces werken de betrokken partijen in een BIM-proces met één bestandsmodel. Daaraan kunnen zij alle data koppelen die nodig zijn voor het ontwerpen, bouwen en beheren van een gebouw of een infrastructureel werk. Opdrachtgever, architect, adviseur, aannemer en installateur gebruiken dus allemaal hetzelfde bestand. Dat levert voordelen op.

Zo hebben alle partijen toegang tot dezelfde gegevens; denk aan tekeningen, berekeningen, gebouwdimensies, rapporten en verslagen. De communicatie verloopt tijdens het hele proces beter en sneller en BIM bevordert dus de ketenintegratie. Knelpunten zijn direct en voor iedereen zichtbaar, net als eventuele overtredingen van eisen, regels en voorschriften. Als gevolg daarvan dalen de faalkosten aanzienlijk. BIM maakt het ook mogelijk om een energieberekening aan het model te koppelen. Het energieverbruik van installaties kan daardoor al in de ontwerpfase een belangrijke plaats innemen en dat brengt energiezuinig bouwen binnen handbereik. Is een gebouw eenmaal in gebruik, dan biedt BIM mogelijkheden voor effectief asset management; de beheerder kan de kosten minimaliseren door gebruik te maken van de gedetailleerde informatie over producten en componenten.

BIM is te vergelijken met een stekkerdoos waarin je de meest uiteenlopende stekkers kunt inpluggen. Het universele model zorgt voor één platform, waarop de partijen die bij een bouw- of infraproject betrokken zijn via hun eigen programma’s constructieberekeningen, bouwfysische berekeningen en epc-berekeningen kunnen maken. De voordelen daarvan gaan veel verder dan efficiency. Ook in commercieel opzicht kunnen bedrijven profiteren van een eenduidig model. BIM maakt het bijvoorbeeld mogelijk bouwwerken driedimensionaal in beeld te brengen.

De Bouw Informatie Raad realiseert nu de eerstvolgende stap op weg naar BIM: een conceptenbibliotheek voor de gebouwde omgeving. De conceptenbibliotheek bevat een digitale beschrijving van een groot aantal bouw- en infraconcepten waarmee bouw- en installatiebedrijven regelmatig te maken krijgen. In de conceptenbibliotheek leggen we informatie eenduidig vast en maken we de gegevens tegelijkertijd toegankelijk voor uiteenlopende toepassingen en projecten. De ontwikkeling is cruciaal voor de totstandkoming van BIM, maar kost geld. Opdrachtgevers in bouw en infra investeren er 2 miljoen euro in.

Als de conceptenbibliotheek eenmaal is gerealiseerd, is een objectenbibliotheek het volgende niveau. Daarin zullen projectgebonden beschrijvingen te vinden zijn. Fabrikanten hebben vervolgens de gelegenheid om hun productenbibliotheek (met specifieke, leveranciergebonden beschrijvingen van standaardproducten) te koppelen aan de conceptenbibliotheek en de objectenbibliotheek. Het is belangrijk dat daarvoor een branchebreed platform wordt ontwikkeld, zodat de meest recente informatie altijd op één centrale plek beschikbaar is.

Gebouwen en infrastructuur bieden enorme mogelijkheden voor innovatie en energiebesparing. Als de Nederlandse bouw- en installatiebranche die kansen wil benutten, is technische eenduidigheid een absolute voorwaarde. Helaas is er op dit moment nog geen sprake van een gemeenschappelijke taal die iedereen begrijpt. Integendeel: iedere softwareleverancier spreekt een eigen ‘dialect’ en heeft een eigen ‘bibliotheek’ waarin alle termen en technische specificaties zijn opgeslagen. Daardoor gaan kostbare tijd, energie en deskundigheid verloren. Bovendien zijn fabrikanten van materialen en technische systemen veel geld kwijt om de specificaties van hun producten te laten opnemen in de afzonderlijke bibliotheken van de verschillende softwareleveranciers. Voor de bouw- en installatiebranche is een open standaard, waarin alle programma’s met elkaar communiceren, van levensbelang.

Voor fabrikanten en softwareleveranciers die leveren aan bouw en infra is dit het moment om individuele commerciële belangen opzij te zetten en BIM mogelijk te maken. Op die manier kunnen ze de slagvaardigheid van hun klanten vergroten en een innovatieve toekomst mogelijk maken.

Reageer op dit artikel