artikel

Arbitrage of burgerlijke rechter?

bouwbreed

In veel koop-/aannemingsovereenkomsten en algemene voorwaarden zoals AVA en UAV is bepaald dat geschillen tussen partijen uitsluitend worden voorgelegd aan de Raad van Arbitrage voor de Bouw. Als ondernemer kunt (moet) u bij geschillen met een consument dus ook altijd aankloppen bij de Raad van Arbitrage voor de Bouw. Of toch niet?

Op 7 augustus 2012 is een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam gepubliceerd waar het tegendeel uit blijkt. Het Hof wijst de protesten van de aannemer dat niet de burgerlijke rechter maar de Raad van Arbitrage voor de Bouw bevoegd is af en laat het arbitrale beding in de koop-/aannemingsovereenkomst buiten toepassing. Het arbitrale beding zou onredelijk bezwarend zijn voor de koper. Het Hof meent dat aan een arbitrale procedure nadelen voor de consument verbonden zijn. Aan de orde komen het ontbreken van waarborgen van onafhankelijkheid, de beperkte hoger beroep mogelijkheden en de hogere kosten van arbitrage. Bij dit oordeel van het Hof kunnen vraagtekens geplaatst worden.

Dit is niet de eerste keer dat een ogenschijnlijk duidelijk arbitraal beding sneuvelt. Ook het Hof Leeuwarden oordeelde in 2011 dat een arbitraal beding onredelijk bezwarend is indien de consument daardoor niet meer naar de overheidsrechter kan. Daarbij is verwezen naar de Europese Richtlijn oneerlijke bedingen voor consumenten. Van dit arrest is cassatie bij de Hoge Raad ingesteld. De uitkomst is nog niet bekend.

Beide uitspraken staan lijnrecht tegenover het oordeel van het Hof ’s-Hertogenbosch van 17 maart 2009 waaruit volgde dat een arbitraal beding (in de SR 1997) niet onredelijk bezwarend is.

Wat betekent dit nu voor de bouwpraktijk? Gezien de meest recente uitspraken is niet met zekerheid te zeggen dat een met een consument overeengekomen arbitraal beding standhoudt. Deze rechtsonzekerheid is onwenselijk.

Het wachten is op een oordeel van de Hoge Raad of een snelle behandeling van het voorontwerp herziening Arbitragewet. Daaruit volgt dat een consument altijd de keuze moet hebben tussen arbitrage en de burgerlijke rechter. Tot die tijd luidt het advies om in de contractfase steeds expliciet afspraken met de consument te maken over geschillenbeslechting en deze vast te leggen in de aannemingsovereenkomst en niet te volstaan met een algemene voorwaarde.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels