artikel

Woonakkoord gezamenlijk omarmen

bouwbreed

Met de kritiek op het woonakkoord Wonen 4.0 geeft Bouwend Nederland duidelijk aan nog niet over de eigen grenzen heen te stappen. Sjoerd Radstake vindt dat samenwerking en verbinding het nieuwe credo moeten zijn. Niet alleen, maar ook met andere partijen in de woningmarkt.

Opmerkelijk dat Bouwend Nederland het woonakkoord van Vereniging Eigen Huis, Woonbond, Aedes en NVM niet steunt. De bouwwereld zit in een diep dal en de vereniging van bouw- en infrabedrijven adviseert om niet te hervormen. Zij predikt liever voor eigen parochie maar realiseert zich onvoldoende dat in dit economisch tij geen nieuwe overheidssubsidies op de woningmarkt te verwachten zijn.

Nieuwe regels creëren alleen maar in- en outsiders, ook zullen nieuwe inkomenscategorieën binnen de sociale huursector de onzekerheid bij consumenten niet wegnemen. Integendeel men blijft zitten waar men zit. In een woninglandschap waarin voortdurend door de overheid ingegrepen wordt voelt de consument – huurder en koper, starter of doorstromer – zich onveilig. Het op fiscale beginselen blijven rondpompen van geld zal de woningmarkt alleen maar meer verlammen.

Vele jaren is door de overheid het eigenwoningbezit gestimuleerd. Deze ontwikkeling zal nu ten einde komen. Mede door de ontwikkeling van het Het Nieuwe Werken, het flexwerken en de economische neergang is het bezit van een eigen woning niet langer emanciperend te noemen, maar een last die de de flexibiliteit beperkt en als incourant goed niet verhandelbaar is. Degene die kopen moeten zich goed realiseren dat men voor een langere periode een verplichting aan gaat.

De bouw zou hiervan kunnen leren door meer vraaggestuurd in plaats van aanbodgestuurd te bouwen. De klant centraal stellen en over je eigen grenzen heen kijken.

Een ontwikkeling die inmiddels door menig bouwer toegepast wordt. Met de kritiek van Bouwend Nederland op het woonakkoord geeft de vereniging duidelijk aan nog niet over haar eigen grenzen heen te kunnen stappen. Loslaten wat altijd is geweest. De wereld verandert steeds sneller. Samenwerking en verbinding zoeken zal het ‘nieuwe’ credo moeten zijn. Niet alleen, maar met andere partijen in de woningmarkt.

Marktwerking

Precies dat is wat het hervormingplan Wonen 4.0 de woningmarkt te bieden heeft. Alle partijen zijn over hun grens gestapt en hebben niet de kortetermijn -, maar een langetermijnvisie voor de markt vooropgesteld. Voor de bouw betekent dit concreet dat een vrije woonkeuze van de consument weer centraal komt te staan. Hierdoor ontstaat marktwerking en komt de doorstroming op de woningmarkt op gang.

Het woonakkoord maakt daarnaast korte metten met het politieke voornemen van het introduceren van kooprecht van huurders en een jaarlijkse corporatieheffing van 760 miljoen euro. Het eerste zou het bestaande te koop staande woningaanbod tot ongekende hoogte opvoeren. Niet een gunstig vooruitzicht voor de (nieuw)bouw.

Over het tweede zou de bouw zich echt zorgen over moeten maken. In de jaren 2010 en 2011 hadden de corporaties met hun verbindingen een aandeel van meer dan 70 procent in de totale nieuwbouw in Nederland. Een solitaire heffing van overheidswege zou de investeringscapaciteit van corporaties doen krimpen met 15 miljard euro (In 2013 9,5 miljard euro). Juist Bouwend Nederland zou een voorstander moeten zijn van de plannen voor een integrale hervorming van de woningmarkt. Omarm Wonen 4.0 en doe dit gezamenlijk.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels