artikel

Vernietiging van arbitraal vonnis

bouwbreed

Partijen moeten erop bedacht zijn dat een arbitraal vonnis vernietigd kan worden door de overheidsrechter. Het vonnis van de Rechtbank Amsterdam is daar een goed voorbeeld van, meent Jacob Henriquez.

De Rechtbank Amsterdam (LJN: BV3821) heeft onlangs een arbitraal vonnis in hoger beroep van arbiters van de Raad van Arbitrage voor de Bouw (RvA) vernietigd, omdat het vonnis niet met redenen was omkleed en de door arbiters gegeven gedachtegang bovendien innerlijk tegenstrijdig was. De feiten zijn als volgt.

Noord-Zuidlijn

A en B hebben in 2002 met de gemeente Amsterdam onderhandeld over de mogelijke realisatie van drie metrostations voor de Noord-Zuidlijn. A en B hebben in maart 2002 een inschrijvingsovereenkomst gesloten om het project gezamenlijk te verwerven en uit te voeren. In oktober 2002 besloot A dat zij het project niet langer met B wilde uitvoeren. A heeft in november 2002 een overeenkomst met de gemeente Amsterdam gesloten voor de uitvoering van het project. In de inschrijvingsovereenkomst is opgenomen: “het in de leden 1, 2 en 3 bepaalde laat onverlet de bevoegdheid om volledige schadevergoeding te vorderen, zo daartoe gronden zijn”. Dit is de schadevergoedingsbepaling. Lid 1 bevat de boeteclausule.

De beëindiging van de inschrijvingsovereenkomst door A heeft geleid tot diverse procedures. B heeft de overeengekomen boete en schadevergoeding gevorderd. In het hoger beroep van de schadestaatprocedure hebben arbiters geoordeeld dat op grond van de wet een contractuele boete, in de plaats treedt van schadevergoeding. Partijen mogen hiervan afwijken. Arbiters concludeerden dat dit niet is gebeurd. De schadevergoedingsbepaling kan namelijk op verschillende wijzen worden geïnterpreteerd. Bij dergelijke onduidelijkheid kan niet worden vastgesteld dat van de wettelijke regeling is afgeweken. Daarom dient de wettelijke regeling gevolgd te worden, aldus arbiters. Arbiters voegden daaraan toe dat in de schadestaatprocedure nooit meer kan worden gevorderd en toegewezen, dan een eventueel verschil tussen schade en boete. De rechtbank verwijst in het vonnis naar de maatstaf van de Hoge Raad uit 2006. Op grond van de wet is vernietiging van een arbitraal vonnis mogelijk wanneer een motivering ontbreekt, of wanneer de motivering geen steekhoudende verklaring voor de beslissing bevat. De norm is streng en terughoudendheid is geboden. Toch oordeelt rechtbank dat het arbitraal vonnis moest worden vernietigd. De rechtbank overweegt als volgt. Partijen hebben in de verschillende procedures de uitleg van de schadevergoedingsbepaling uitdrukkelijk tot onderwerp van het debat gemaakt. Er kan geen sprake zijn van een steekhoudende motivering als een beslissing daarover, zonder enige nadere toelichting, door arbiters in het midden wordt gelaten. Bovendien vindt de rechtbank het oordeel van arbiters over de verhouding tussen schade en boete innerlijk tegenstrijdig, omdat de door arbiters aangehaalde wettelijke regeling cumulatie uitsluit, terwijl arbiters in hun beslissing daar wel van uitgaan. Het oordeel van arbiters was op dit punt ook niet gemotiveerd. Het arbitraal vonnis kon daarom niet in stand blijven. Geschillen in de bouw worden vaak beslecht door middel van arbitrage. Arbiters oordelen daarbij dikwijls conform de maatstaf “als goede mannen naar billijkheid”. Deze maatstaf houdt niet in dat de gegeven beslissing ongemotiveerd mag blijven. Het arbitraal vonnis dient met redenen omkleed te zijn en vernietiging is slechts mogelijk wanneer de motivering ontbreekt. Dat de norm streng is, bewijst het feit dat een ondeugdelijke motivering van het arbitraal vonnis, géén vernietigingsgrond oplevert.

Onderbouwing

Hoewel het niet vaak voorkomt dat een onderbouwing voor een beslissing ontbreekt, dienen partijen er wel op bedacht te zijn dat een –voor hen onwelgevallige – arbitraal vonnis op grond hiervan (al dan niet in combinatie met een innerlijk tegenstrijdige beslissing) kan worden vernietigd door de overheidsrechter. Het vonnis van de Rechtbank Amsterdam is hier een goed voorbeeld van. Tot slot kan niet onvermeld blijven dat het mogelijk is om naast een boetebeding ook af te spreken dat volledige schadevergoeding kan worden gevorderd. Vastgoedpartijen dienen dit wel zo expliciet en helder mogelijk te formuleren.

Advocaat bij AKD

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels