artikel

Stappen zetten naar verandering

bouwbreed

Hoe trekken we de bouw uit het slop? Volgens Martin van Pernis is het tijd om een aantal maatregelen te nemen die niet tot het gebruikelijke repertoire behoren. Al stuiten veel initiatieven nog op landelijke of lokale regelgeving. Onder invloed van de financiële crisis en de noodzakelijke bezuinigingsronden van de Europese overheden is de economie in een recessie aangeland. De bouw- en installatiesector wordt extra geraakt door de sterke reductie van de woningbouw en het aanzienlijke overschot aan kantoorgebouwen. Het is niet aan te nemen dat er op korte termijn wezenlijke veranderingen zullen optreden in deze situatie. Alle reden dus om een aantal stappen te maken welke wellicht niet tot het gebruikelijke repertoire in de sector behoren.

Grootschalig

Laten we eens beginnen met de woningbouw. Op veel vinexlocaties zijn woningen gebouwd die zo’n twintig tot dertig jaar oud zijn. Redelijk goed geïsoleerd, maar zeker niet energiearm. De aanpak van dergelijke wijken kan, mits grootschalig aangepakt, leiden tot veel werk, waarbij de financiering zou moeten worden gedragen door de besparingen in de energiekosten. De verwarming van een blok met individuele verwarmings- of koelingssystemen is niet het meest optimale en biedt kansen. In een dergelijk project moet ook de omgeving, de infrastructuur meegenomen worden. Te denken valt aan de straatverlichting, de openbare ruimtes en wellicht zelfs de straat waar met inductieve systemen, stroom zou kunnen worden opgewekt. Om dergelijke projecten aan te gaan is het noodzakelijk dat er consortia ontstaan van betrokken partijen uit de bouw- en installatiebranche, die – eventueel met een startsubsidie van de overheid – bereid zijn de financiering te verzorgen en het werk uit te voeren. Het aangaan van dergelijke projecten met individuele huizenbezitters is, weliswaar niet uitgesloten, maar niet onmogelijk. Het is daarom beter het spits af te bijten met woningcorporaties of andere collectieve eigenaren.

Een mooi voorbeeld van het genereren van een nieuwe vorm van business kwam ik tegen in Noord-Holland. Daar heeft een groep mkb-ondernemingen zich verbonden in een aantal samenwerkingsverbanden, die in staat zijn om een leegkomende woning of appartement in een periode van twee of zes weken compleet te renoveren. De tweewekelijkse variant betreft de keuken en de badkamer; de zes- wekelijkse de gehele woning. Het voordeel voor de woningcorporatie is navenant: korte leegstand en gespreide financiering. De bedrijven die het werk uitvoeren zijn samenwerkingsverbanden van aannemers, tegelzetters, electriciëns, sanitairinstallateurs, loodgieters, e.d. Op basis van eenheidsprijzen en een aanvankelijke tenderprocedure is een aantal van dergelijke consortia met veel succes bezig.

Bij de utiliteitsbouw en in het bijzonder de bouw van kantoren ligt de zaak complex. Waar zeer moderne gebouwen nog wel zijn af te zetten, is dat voor de wat meer conventioneel gebouwde panden geen eenvoudige zaak. Mijn overtuiging is dat uiteindelijk een substantiële afwaardering de enige mogelijkheid is om op een redelijke termijn nieuwe investeringen te kunnen zien. Toch zal ook dat het probleem van het overschot maar beperkt adresseren. Sloop van oudere panden zal echter wel beter haalbaar zijn. Ook zal het wat gemakkelijker worden om in wat bejaarde panden te investeren om ze terug te brengen in de race met de nieuwe panden. Het nieuwe werken, waarbij aanzienlijk meer thuiswerk wordt verricht heeft de druk op deze markt vergroot.

Er zijn al heel veel initiatieven om de bestemming van kantoorpanden te wijzigen, maar daarbij wordt nog vaak aangelopen tegen landelijke of lokale regelgeving. Hier zullen vooral gemeentebesturen de overtuiging moeten krijgen dat wat meer flexibiliteit uiteindelijk ook voor de leegstand in hun gemeente een positieve ontwikkeling kent.

Extreem lage prijzen

Ten slotte de bedrijven zelf. In mijn rol als voorzitter van Vernieuwing Bouw zie ik bij veel mkb-bedrijven de nadrukkelijke wens om hun omzet in stand te houden. Dat leidt, zeker ook in publieke inschrijvingen, tot extreem lage prijzen die niet alleen de toekomst van hun eigen bedrijf in de waagschaal zet, maar ook die van andere bedrijven. Veel beter is om de, hopelijk aanwezige, flexibele schil van tijdelijk personeel te gebruiken om in elk geval een poging te doen de marge op peil te houden of te verbeteren, zelfs bij een lager volume.

Voorzitter Vernieuwing Bouw

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels