artikel

Plaats asbesthype in een reëel perspectief

bouwbreed Premium

De vondst van asbest leidt vaak tot paniek. Die paniek, stelt Sible Harmsma, is overbodig en asbestsanering kan veel goedkoper en toch effectief. Als experts het probleem maar nuchter en reëel bekijken en tot een dito aanpak komen.

Jaarlijks overlijden circa vierhonderd mensen aan mesothelioom, (longvlieskanker) en nog eens vier- tot achthonderd aan andere vormen van longkanker, sterfgevallen die rechtstreeks verband houden met blootstelling aan asbest in het verleden. In veruit de meeste gevallen gaat het om blootstelling tijdens het werk, zoals bij monteurs, scheepsbouwers en werknemers van de asbestcementindustrie. Maar er zijn ook gevallen bekend van ‘huisbesmetting’, vrouwen die thuis de overalls van hun mannen uitklopten. Rond Goor in Twente zijn gevallen van mesothelioom bekend, ontstaan door het verstuiven van asbestcement dat op halfverharde wegen in de omgeving is gebruikt.

Zolang asbest in gebonden toestand verkeert, is er geen gevaar. Dat ontstaat pas als asbest beschadigd raakt en de losse vezels zich in de lucht kunnen verspreiden (bijvoorbeeld bij sloop, verbouw, renovatie). Ook dan is er vooral gevaar wanneer hoge concentraties vezels vrijkomen en mensen daar ook aan worden blootgesteld.

Asbest is in honderden toepassingen op duizenden plekken in Nederland toegepast. De piek lag tussen 1955 en 1978, toen een eerste, beperkt verbod op het gebruik van kracht werd. Vanaf 1993 is toepassing van asbest geheel verboden. Daken van landbouwschuren, bloembakken, rioolbuizen, schoorsteenpijpen, gevelplaten, pakkingen; allemaal producten van asbest. In 2006 is door Register (nu onder- deel van Arcadis) becijferd, dat circa 7,8 miljoen ton asbesthoudende producten in Nederland zijn toegepast, waarvan 100 miljoen vierkante meter als golfplaat op daken van landbouwschuren.

Saneringen

Er gaan enorme bedragen om in asbestsanering. Kijk je nuchter en professioneel naar asbestsaneringen, dan blijken die snelheid en hoge kosten lang niet altijd nodig. Vaak kan met gerichte veiligstellingen en maatregelen het (gezondheids)risico worden uitgeschakeld en kan de sanering op een later, beter passend moment – effectief en veel goedkoper – worden aangepakt en opgelost. Bijvoorbeeld door de sanering onderdeel te laten zijn van een toch al geplande of te plannen grotere operatie: tijdens onderhoud, sloop of renovaties.

Verder zou de aanpak van de problematiek veel meer van een risicobenadering moeten uitgaan: waar de grootste risico’s zijn kunnen tijd en geld het meest doeltreffend worden ingezet. Een niet beschadigde golfplaat met 10-15 procent in cement ingekapselde asbestvezels, geeft veel minder risico’s op blootstelling dan een stuk vinylvloerbedekking met in de onderlaag 80-85 procent slecht gehechte asbestvezels dat ondeskundig van de vloer wordt gescheurd.

In een onlangs in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu uitgevoerde ‘maatschappelijke kosten-batenanalyse’ (MKBA) staat, dat een verbod op asbesthoudende daken en gevelpanelen tussen 1,1 en 2,1 miljard euro zou kosten en dat de gezondheidsbaten uiterst gering zijn. Deze conclusie wordt gekoppeld aan de aanbeveling de prioriteit te leggen bij het “saneren van objecten met een hoog risicoprofiel”, plekken met een hoge kans op blootstelling aan aanzienlijke concentraties vezels.

Asbestexperts van Arcadis zien een aardige parallel met de ontwikkeling die het Nederlandse bodembeleid in de afgelopen decennia heeft doorgemaakt. Als we de vervuiling zoals bij Lekkerkerk (1980) nu zouden tegenkomen, zou dat heel anders worden aangepakt. Leidde een verontreiniging vroeger vrijwel in alle gevallen tot kostbare afgravingen en reinigingen on site of ex site , thans wordt het gros van de saneringen met veel minder inspanning/kosten in situ aangepakt.

Bovendien richt het nationale beleid zich op aanpak van de échte probleemlocaties die gezondheidsrisico’s met zich meebrengen. In plaats van op een werkvoorraad van ruim 400.000 verontreinigde locaties, worden beleid en investeringen nu gericht op een relatief beperkt aantal (ruim vierhonderd) ‘humane spoedlocaties’ waar écht sprake is van serieuze (gezondheids)bedreigende situaties. Een effectieve en haalbare strategie, die niet gepaard gaat met meer risico’s. Een dergelijke omslag in denken en aanpak lijkt Arcadis ook voor asbestverontreinigingen op zijn plaats.

Sible Harmsma, Senior Adviseur Milieu & Leefomgeving at Arcadis Nederland BV

Reageer op dit artikel