artikel

Het estafettestokje

bouwbreed

Op 21.11.12 was het 21 jaren geleden dat ik werd benoemd als deeltijdhoogleraar Productontwikkeling in Delft: twee dagen per week, naast een goedlopend bedrijf. Geen wonder dat dit soort baantjes alleen weggelegd is voor hen die een beetje te veel energie hebben. Een professorale adhd’er. Een moertje los. In die zin is het hoogleraarschap iets […]

Op 21.11.12 was het 21 jaren geleden dat ik werd benoemd als deeltijdhoogleraar Productontwikkeling in Delft: twee dagen per week, naast een goedlopend bedrijf. Geen wonder dat dit soort baantjes alleen weggelegd is voor hen die een beetje te veel energie hebben. Een professorale adhd’er. Een moertje los. In die zin is het hoogleraarschap iets tussen een beroep en een roeping: een ‘beroeping’.

In die 21 jaren heb ik het academische veld van de bouwkunde wel zien veranderen. Aanvankelijk ging het nog voornamelijk om het opleiden van goede bouwkundig ingenieurs voor de bouwpraktijk. In 1988 was ik een van de weinige promovendi; er waren er slechts vijf op de gehele faculteit. En een buiten-promovendus, iemand die in zijn eigen tijd aan zijn dissertatie werkte. Van ‘s morgens 7 tot ’s avonds 7 werd de tijd besteed aan het ont-werpbureau; van 8 tot 1 uur ’s nachts werd geschreven aan de dissertatie. Een jaar lang. Want het laboratoriumwerk was al gedaan in de 7 jaar ervoor. De dissertatie ging over de kwaliteit van het ontwerpen van ruimtelijke constructies, mijn eigen ontwer-pen dus. Na de zeer succesvolle verdediging van het proefschrift werd een leerstoel gecreëerd. Inmiddels zijn op de faculteit 150 promovendi aan het werk. Zij worden over de gehele wereld uitgezonden om deel te nemen aan congressen en om artikelen te schrijven over hun onderzoeksonderwerpen in internationale ge-peerreviewde tijdschriften. Onderzoekers maken deel uit van een internationale academische wereld. En in dat opzicht doet Bouwkunde TU Delft het niet slecht. In Harvard beschouwt men Bouwkunde Delft als de ‘PhD-machine’.

Vijf jaar geleden, vóór de bezuinigingen, had ik twintig promovendi in mijn leerstoel. In de academische wereld is de bouw een toepassingsgebied en geen fundamentele wetenschap. Zowel in de praktijk als in de theorie staand, voel ik verwantschap met beide zijden. Als wetenschapper zie ik dat fundamentele zaken kunnen worden onderzocht.

Waar de bouwpraktijk niet aan toe komt, die te generiek, te breed, te ver vooruit zijn voor betaalde projecten in bedrijven. Inmiddels zijn er nog twee jaar te gaan tot emeritaat en kan het zoeken naar het volgende schaap met vijf poten beginnen.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels