artikel

Laat compensatiefonds btw gemeenten in tact

bouwbreed Premium

Niet alleen de grondexploitaties zitten de gemeenten inmiddels dwars, ook de btw-compensatieregeling lijkt hen nu parten te gaan spelen. Wat staat hen te wachten als het compensatiefonds per 1 januari 2015 definitief ten einde zou zijn, vraagt Paul van Joolingen zich af. Want waarom was het ook weer in het leven geroepen?

Nog niet zo lang geleden hebben alle gemeenten zich bovenmatig ingespannen om het btw-compensatiefonds in te voeren. Tot mijn verbazing ontving ik onlangs een mailtje van Bart van Zadelhoff van KPMG Meijburg & Co die meldt dat blijkens het regeerakkoord het compensatiefonds per 1 januari 2015 op de tocht staat. Hoe zat het ook alweer met dat btw-compensatiefonds?

In de tijd vóór de compensatie moest de gemeente te allen tijde kunnen aantonen dat er sprake was van een positief saldo in de grondexploitatie, om vervolgens met succes de vooraftrek btw op gemeenschapsvoorzieningen in werking te kunnen stellen. Bij negatieve exploitaties lukt dit dus niet.

Nu valt heel Nederland over de stilliggende vastgoedmarkt en worden gemeenten dagelijks bestookt, want de grondexploitatie blijkt negatiever en negatiever te worden.

Ik begrijp dan ook dat zo’n vrolijk zinnetje over de afschaffing van het compensatiefonds behalve tot veel onrust, ook zal leiden tot heel veel ingrijpende wijzigingen bij de grondexploitaties.

De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) zal ongetwijfeld eisen dat dit gecompenseerd moet worden door middel van een uitkering uit het gemeentefonds. En mochten ze daarin slagen, dan hebben we dus een heel ingewikkelde regeling bedacht die kortstondig heeft geleefd en nu weer wordt opgeheven.

Maar misschien zie ik het verkeerd en moet ik eerder denken dat de afschaffing van het btw-compensatiefonds leidt tot een lastenverzwaring op gemeentelijk niveau.

Nu ik daar toch ben – bij die negatieve grondexploitaties en al die gemeenten en provincies die stoeien met wat er in financiële zin nou moet gebeuren met die grondexploitaties – het volgende. Vroeger vonden wij het relevant om een grondexploitatie voor een periode van tien jaar vast te stellen. Daarna moest het maar afgelopen zijn.

Accountants en wethouders van financiën worden hier behoorlijk zenuwachtig van en worden geconfronteerd met omvangrijke financiële ingrepen in hun grondbedrijven en financiële buffers. Let wel: ik ben niet tegen correctief gedrag, maar je kunt ook te ver gaan. Soms is uitfaseren en wachten op betere tijden en overschrijding van een tienjaarsgrens verstandiger dan in één keer afboeken naar landbouwwaarde. De reden hiervoor is dat in tijden van recessie dit de bestedingsruimte van gemeenten veel te veel beperkt. De vastgestelde termijn van 10 jaar is dan ook te theoretisch. Er zijn andere instrumenten denkbaar. Geen rentebijschrijving, het partieel langzaam afwaarderen en het treffen van voorzieningen zijn mogelijkheden om gemeenten op de korte termijn te helpen, waarna op de langere termijn ruimte ontstaat om meer af te schrijven of blijkt dat plannen nog wel gerealiseerd kunnen worden.

Naar mijn mening is er op de langere termijn absoluut een vervangingsvraag en behoefte aan kwalitatief goede woningen. Nog los van het feit dat de bevolking nog steeds groeit.

Laten wij hopen dat dit ondoordachte plan snel van tafel gaat.

Reageer op dit artikel