artikel

Automobielindustrie en bouw

bouwbreed Premium

Onlangs deed Martin van Pernis, voorzitter van Vernieuwing Bouw, een oproep voor meer innovatie en ketenintegratie in de bouw. “De bouw innoveert niet genoeg, en moet de automobielindustrie als voorbeeld nemen”. Alhoewel zo’n oproep inhoudelijk nooit verkeerd is, is de oproep in deze vorm verre van nieuw.

Het is een mantra die al twintig jaar over de bouw wordt uitgesproken: ketenintegratie, klantgerichtheid, kostenreductie – kijk naar de automobiel!industrie. Elke poging in de bouwsector tot hervorming, sinds Latham en met name Egan, is op die mantra geschoeid: Is de bouw dan ongevoelig voor deze mantra? Nee. Er wordt wel degelijk geïnnoveerd en er worden wel degelijk ketens geïntegreerd. Kijk eens hoe goed bouwers met boeren landbouwgrond omzetten (lees: verleden tijd) naar bouwgrond. Hoe ze daar met makelaars, banken, beleggers, artists (voor de impressions ) en anderen blokken, straten, wijken en halve steden hebben ontwikkeld. In die keten is heel veel geïnnoveerd. En ook nu nog worden doorlopend nieuwe modellen voor financiering ontwikkeld en gepromoot. Creativiteit en ondernemerschap zijn er voldoende. Er zijn geen aanwijzingen dat dit minder zou zijn dan in de automobiel branche (zie ook Winch 2003). De vergelijking met de automobiel-industrie is lastig. Autofabrikanten zijn in essentie integrale product ontwikkelende bedrijven waarbij product en productie draaien op technologie en de ontwikkeling daarvan. Ook de statuur van de merken is hieraan gekoppeld. Deze aspecten, merkstatuur en technologie worden erkend en staan centraal in de organisatie, bedrijfs-

trots, -traditie en management. Zie ook hoe ‘oude merken’ in ere worden hersteld teruggrijpend op technologisch (race)succes, zoals Bugatti, Maybach etc. Het is op deze punten dat bouw – althans het grootste deel daarvan – significant afwijkt van de autoindustrie. Er is geen zichtbare merkenstructuur, dus ook merkstatuur. Alle langetermijnstrategische vraagstukken die daaraan gekoppeld zijn, spelen in de bouw nauwelijks een rol van betekenis. In de bouw is het ondernemersparadigma meer dat van een handelsonderneming dan een product-/technologie-ontwikkelaar. Het adagium, ‘je moet het vak eerst leren op de projecten’, heeft het managementsparadigma gevormd. Dat is in de bouw dus meer gericht op controlen kortetermijndoelen dan op strategie en lange termijn. Dat heeft grote invloed op de wijze waarop de bouw zich zal/kan vernieuwen en uit de crisis kan en zal innoveren. Helaas.

Reageer op dit artikel