artikel

Juridisch: Appellant en belang in herplant

bouwbreed Premium

Als een zaak over een kapvergunning voor de rechter komt, komt het regelmatig voor dat de bomen inmiddels al zijn geveld, of, zoals één van de bomen in het hieronder besproken geval, omgewaaid. De vraag is dan of degene die beroep heeft ingesteld tegen de kapvergunning daar dan nog wel belang bij heeft. Recent kwam deze vraag ook aan de orde bij de Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State (hierna: de Afdeling), het betrof hier een door het college van B en W van Putten (hierna: het college) verleende vergunning voor de kap van twee zomereiken ABRvS 8 februari 2012, LJN: BV3223).

De rechtbank heeft eerder het tegen de kapvergunning ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat de desbetreffende bomen inmiddels al teniet zijn gegaan. Eén boom is omgewaaid bij een storm en voor de kap van de andere was volgens het college geen vergunning vereist. In het verkrijgen van een principiële uitspraak over de rechtmatigheid van de kap is, volgens de rechtbank, geen belang bij het ingestelde beroep gelegen.

Appellant gaat in beroep en stelt dat hij geen principiële uitspraak verlangt, maar alleen een oordeel over de vraag of het college zijn bezwaar wat betreft de omgewaaide boom, terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard en zich, wat betreft de andere, terecht op het standpunt heeft gesteld dat voor het kappen daarvan geen vergunning vereist is. Daar gaat de Afdeling in mee.

Het college heeft, wat betreft de omgewaaide boom, het gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat deze boom op dat moment reeds verloren was gegaan. Dat de andere boom reeds was gekapt leidt, anders dan de rechtbank heeft overwogen, niet tot het oordeel dat hij geen belang meer heeft bij zijn beroep. Indien het college zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat voor de kap van die boom geen vergunning vereist is, kan er een herplantplicht zijn. Het beroep is gegrond.

In eerdere jurisprudentie van de Afdeling komt steeds naar voren dat procesbelang wordt aangenomen, als de rechtzoekende zelf aanvoert dat zijn belang mede is gelegen in het bewerkstelligen van een herplant (zie bijvoorbeeld ABRvS 24 december 2003, LJN: AO0927, ABRvS 31 mei 2006, LJN: AX6351 en ABRvS 26 juli 2007, LJN:AY5050).

In het hierboven besproken geval heeft appellant niet zelf gesteld dat zijn belang is gelegen in herplant, hij wil alleen weten of het college terecht stelt dat voor de kap van de ene boom geen vergunning is vereist . Dit lijkt een kwestie van principiële aard, waardoor geen procesbelang kan worden aangenomen. Maar in dit geval komt de Afdeling appellant tegemoet en stelt zelf dat het belang van appellant gelegen kan zijn in herplant.

Juridisch stafmedewerker/redacteur Instituut voor Bouwrecht, Den Haag

www.ibr.nl/actueel

Reageer op dit artikel