artikel

Inkomensgrens is achterhaald idee

bouwbreed Premium

Veel mensen met een inkomen boven de 34.000 euro zitten vast op de woningmarkt. Ze kunnen geen woning kopen en ze kunnen geen woning huren. Oorzaken zijn de Europese inkomensgrens en de strenge hypotheekeisen van de banken. Jacques Monasch (PvdA) wil een doorbraak in de discussie over de Europese inkomensgrens.

We komen zo niet verder met elkaar. Het enige resultaat is dat verplegers, politieagenten, gepensioneerden en vele anderen geen kant op kunnen. Dat moet anders. Laten we ophouden met ruziën tussen Nederland en Europa en laten we ons niet langer verstoppen achter Europa als daar geen reden meer voor is. En laten we ophouden te discussiëren over vermeende staatssteun als de markt op tal van plekken in ons land niet gaat bouwen en er dus geen sprake is van ongeoorloofde concurrentie. Terwijl De Nederlandse Bank waarschuwt voor de volgende financiële crisis veroorzaakt door de afwaardering in de vastgoedsector, gaat het huidige Brusselse besluit nog uit van een grote investeringsbehoefte bij beleggers.

Kerntaken

We zijn het enige land in Europa dat een door Europa opgelegde inkomensgrens heeft. We kunnen van die botte inkomensgrens af, we hoeven niet te discussiëren over 1000 euro meer of minder. Dat is mogelijk als we het centrale uitgangspunt achter de Europese regelgeving accepteren. In ons voorstel richten woningcorporaties zich op hun kerntaken. Als de markt niet bouwt, is het een publieke zaak en is er dus ruimte voor corporaties om groepen te huisvesten die anders geen plek kunnen vinden. Daarmee kan nooit sprake zijn van staatssteun, omdat de markt niet bouwt en er dus geen sprake is van ongeoorloofde concurrentie. Een vaste rigide inkomensgrens, vastgelegd in Europa, is dan voor de woningtoedeling en nieuwbouw overbodig geworden. Daarmee vervallen mogelijke bezwaren van Brussel. Waar de markt wil en kan bouwen kunnen beleggers en pensioenfondsen volop investeren en hun aandeel nemen in de Nederlandse vastgoedmarkt. Een dergelijke dynamische benadering doet recht aan de lokale situatie, biedt ruimte om indien nodig ook aan bewoners met een inkomen van boven de 34.000 euro woningen toe te wijzen onder de liberalisatiegrens, het biedt volop kansen aan de middengroepen die nu tussen wal en schip terecht zijn gekomen en blijven ook in krimpgebieden investeringen mogelijk. Het voorkomt bovendien een enorme administratieve lastendruk die dreigt in het wetsontwerp inzake de herziene woningwet met als gevolg de verplichte gescheiden boekhoudingen als gevolg van het Europese besluit. Kortom, een botte inkomensgrens wettelijk vastleggen is een even rigide en achterhaald idee met teveel nadelige effecten. Hoe kunnen we deze nieuwe lijn vormgeven? Het kan anders als we met elkaar bereid zijn een nieuw besluit, danwel een vrijstellingsbesluit voor Diensten van Algemeen Economisch Belang (DAEB) te nemen, hier in Nederland. En om dat nieuwe besluit vervolgens voor te leggen aan de Europese Commissie. Ook de Commissie heeft ons daar bij monde van EU-commissaris Almunia toe uitgenodigd. Nu andere landen geen door Europa opgelegde inkomensgrens hanteren, is dat ook voor Nederland niet langer nodig. We kunnen de grens zelf bepalen afhankelijk van de lokale situatie als we maar aansluiten bij de voorwaarden uit Europa. Voor een nieuw besluit betekent dit, dat we met elkaar in ieder geval de volgende uitgangspunten moeten vastleggen.

Woningbouw, woningtoedeling en investeringen in maatschappelijk vastgoed worden per regio of gemeente bepaald op basis van onderlinge prestatieafspraken tussen (samenwerkende) gemeenten, woningcorporaties en marktpartijen. Een dergelijke regionale benadering voegt zich dynamisch naar de vraag en het aanbod.

Liberalisatiegrens

Woningcorporaties bouwen woningen voor bewoners die op de markt geen woning kunnen krijgen en ze mogen niet met geborgd geld concurreren met marktpartijen. Woningcorporaties kunnen altijd geborgd bouwen tot de liberalisatiegrens. Boven de liberalisatiegrens wordt aan marktpartijen gevraagd of zij kunnen en willen bouwen in de categorie huur van 650-850 euro, de zgn. categorie II. Indien de markt niet wenst of niet in staat is om deze woningen te bouwen wordt aan woningcorporaties gevraagd en toegestaan om deze woningen te bouwen met geborgde leningen en met inzet van hun eigen vermogen.

Op basis van ditzelfde principe wordt de woningtoedeling aan diverse inkomensgroepen en dus de inkomensgrens dynamisch toegepast afhankelijk van de lokale situatie. Een vaste inkomensgrens is niet meer nodig. Geborgde investeringen in maatschappelijk vastgoed door corporaties worden eveneens vanuit dit principe beoordeeld. Beleggers investeren niet in krimpgebieden, waarom dan daar rigide regels toepassen?

Minister Spies gaat de komende maanden op verkenning in Brussel voor een nieuw besluit. De PvdA is verheugd dat zij het bovenstaande voorstel gaat bespreken met de Europese Commissie.

Woordvoerder PvdA Tweede Kamerfractie

Reageer op dit artikel