artikel

Nederlandse banken spekkoper in krediet- en eurocrisis

bouwbreed

Behoud van de hypotheekrenteaftrek betekent ook behoud van de groei van de hypotheekschuld, terwijl beheersing van schulden het vraagstuk is voor de wereld na de crisis, meent Rob de Wildt.

Het eigen woningbezit groeit de laatste jaren met ongeveer 85.000 per jaar, dat is ruim 2 procent van de voorraad koopwoningen. Naast nieuwbouw van 50.000 tot 55.000 woningen is ook de omzetting van huur naar koop een factor die telt. De voorraadgroei door nieuwbouw koopwoningen is goed voor een extra kapitaalbehoefte bij huishoudens in de orde van 15 miljard per jaar. De omzetting van huur naar koop van zo’n 30.000 woningen vergt naar schatting zo’n 6 miljard. De doorstroming in de koopvoorraad van nu zo’n 100.000 woningen (maar in betere tijden het dubbele) vergt bij de kopers zo’n 25 miljard aan financiering. Vermeerderd met de financiering van verbouwingen en verminderd met de vrijval van financiering door aflossing op hypotheken is het onvermijdelijk dat de uitstaande hypotheekschuld met tientallen miljarden per jaar aangroeit. Dat blijkt te kloppen: ondanks de kredietcrisis is de hypotheekschuld de laatste vier jaar gemiddeld met 30 miljard toegenomen tot nu 630 miljard. In eerdere jaren was dit soms wel 50 miljard per jaar.

Securitisatie

De beschikbaarheid van dit krediet is echter geen vanzelfsprekendheid meer. De laatste jaren krimpt de bankensector. Om in de groei van de woningfinanciering te voorzien zijn de banken daarom aangewezen op securitisatie: het doorschuiven van hypotheekportefeuilles naar beleggers. De eigen hypotheekportefeuille van de bankensector is sinds 2005 op zo’n 360 miljard gestabiliseerd, de securitisatie is spectaculair gegroeid naar 230 miljard . Door de kredietcrisis liep dit spaak, maar een flink deel wordt sinds 2008 gefinancierd door de ECB. Nederland is veruit koploper in het gebruik van de speciale beleningsfaciliteit waarbij gesecuritiseerde tripleA hypotheekportefeuilles in eigen beheer bij de bank als onderpand fungeren . In 2010 had Nederland een aandeel van 40 procent in dit type securitisaties in Europa (totaal 290 miljard). Met de lage rente van 1-1¼ procent zijn de Nederlandse hypotheekbanken spekkoper ten tijde van de crisis, die dus voor hen misschien niet lang genoeg kan duren. Hun marge bedraagt vele miljarden per jaar. Tegelijkertijd ligt hier een financieringsrisico op termijn: als de ECB deze faciliteit beëindigt, moeten andere financiers dit overnemen, want anders raken de banken in de hypotheekstress. Hoe de verhouding tussen ECB-belening en externe financiering ligt is niet bekend – het is geen transparante markt – maar het lijkt een redelijke aanname dat de ECB momenteel goed is voor 100 tot 150 miljard aan financiering van Nederlandse banken. Pensioenfondsen en verzekeraars zouden hierin kunnen voorzien, maar niet van de ene dag op de andere. Voor hen is het misschien ook wel aantrekkelijker om via securitisatie onze woningmarkt te financieren dan via directe financiering van woningen: minder rompslomp van particuliere klanten en minder concurrentie op de hypotheekmarkt.

Woonvisie

Tegen deze achtergrond is het te begrijpen dat zelfs marktleider Rabobank pleit voor het aflossen van hypotheken. Dat zou de groei van de hypotheekschuld en de noodzaak van het doorschuiven van hypotheken verminderen. Zal de Woonvisie van het kabinet ook aandacht gaan besteden aan deze geldstromen die nodig zijn om de woningmarkt te laten functioneren? Behoud van de hypotheekrenteaftrek als kern van het beleid betekent namelijk ook behoud van de groei van de hypotheekschuld, terwijl beheersing van schulden het vraagstuk is voor de wereld na de crisis.

Partner RIGO Research en Advies

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels