artikel

Maak schoolgebouw toekomstbestendig

bouwbreed

Voor de ontwikkeling van het onderwijs is een grootschalige vernieuwing van schoolgebouwen noodzakelijk, vindt Hans Heijltjes. Verreweg de meeste gebouwen dateren uit de tijd van de babyboomers en voldoen niet meer aan de huidige eisen. Uit een recent benchmarkonderzoek van bouwadviesbureau HEVO in Den Bosch blijkt dat schoolgebouwen in het primair onderwijs gemiddeld 54 jaar […]

Voor de ontwikkeling van het onderwijs is een grootschalige vernieuwing van schoolgebouwen noodzakelijk, vindt Hans Heijltjes. Verreweg de meeste gebouwen dateren uit de tijd van de babyboomers en voldoen niet meer aan de huidige eisen.

Uit een recent benchmarkonderzoek van bouwadviesbureau HEVO in Den Bosch blijkt dat schoolgebouwen in het primair onderwijs gemiddeld 54 jaar oud zijn. In het voortgezet onderwijs is de gemiddelde leeftijd van schoolgebouwen 42 jaar. Schoolgebouwen gaan veertig jaar mee, daarna zijn ze financieel afgeschreven. De overweging is dan over te gaan op nieuwbouw of om bestaande huisvesting aan te passen.

Helaas moeten gebouwen in de praktijk na 40 jaar nog een poosje mee, want de vernieuwing en vervanging van de schoolgebouwen verloopt traag. Twee jaar geleden bleek na vragen uit de gemeenteraad dat de gemeente Almere de afschrijvingstermijn voor scholen op zestig jaar had gezet, twintig jaar langer dan de gebruikelijke veertig jaar. Onlangs zei Gertjan van Midden, beleidsmedewerker van de raad voor primair onderwijs in deze krant dat jaarlijks honderd van de tienduizend schoolgebouwen worden vervangen. Ter vergelijking: Vlaanderen besloot twee jaar geleden tot de bouw van 211 nieuwe scholen.

Alarmbel

Meermalen is de alarmbel geluid over de bedenkelijke staat van schoolgebouwen. Reeds in 2009 signaleerde de Inspectie van het Onderwijs dat de toegankelijkheid van gebouwen, onderwijsruimten en faciliteiten te wensen over laat. De Besturenraad, de belangenbehartiger voor de christelijke onderwijsinstellingen in Nederland, concludeerde twee jaar geleden dat er honderden miljoenen euro’s nodig zijn voor achterstallig onderhoud aan schoolgebouwen. In deze verouderde omgeving gaan tal van maatschappelijke ontwikkelingen voorbij aan scholen. Nog geen procent van alle scholen is duurzaam gebouwd. Nieuwe vormen van lesgeven, bijvoorbeeld via zelfstudie of teamprocessen, zijn nauwelijks mogelijk in oude panden met lange gangen en grote zalen. Scholen zelf kunnen hieraan niets veranderen. De zorgplicht voor onderwijshuisvesting ligt bij gemeenten, die hiervoor jaarlijks ongeveer anderhalf miljard euro ontvangen. Deze middelen mogen zij naar eigen inzicht besteden, behoudens de formele verplichtingen. In 1997 zijn de regels aangepast waardoor de enige formele verplichting is dat een schoolgebouw groot genoeg is voor het aantal leerlingen en voldoet aan bouwkundige eisen. Maar onderwijskundige aanpassingen, goede ventilatie, duurzaamheid of onderhoudsvriendelijke voorzieningen zijn niet afdwingbaar. Zo lang deze regels gehandhaafd blijven, is er voor gemeenten geen prikkel om in schoolgebouwen te investeren. Zeker nu gemeenten de broekriem aanhalen, stellen zij vaak andere prioriteiten. Vorig najaar bleek uit onderzoek van de Algemene Onderwijsbond dat gemeenten 345 miljoen euro van het beschikbare budget voor onderwijshuisvesting een andere bestemming geven. De onderbenutting van deze middelen was daarmee vijftien procent groter dan in het voorgaande jaar. Zelfs aanvragen voor nieuwe kozijnen of dubbele beglazing worden door menige gemeente afgewezen, met verwijzing naar een gebrek aan financiële middelen. Ook onderwijskundige aanpassingen van de gebouwen komen niet van de grond. De veroudering van schoolgebouwen stuwt de onderhoudskosten op. Scholen draaien hier zelf voor op. Hiervoor gebruiken ze in toenemende mate geld dat het rijk beschikbaar stelt voor het onderwijs, wat sinds 2006 verboden is. Volgens het ministerie van Onderwijs komt zestig procent van de uitgaven van basisscholen voor huisvesting uit rijksgeld. Tekorten op de exploitatie van gebouwen kan een schoolbestuur slechts dekken via de andere inkomstenbron: de personeelskosten.

Ingreep

Alleen een ingreep in de rigide regelgeving voor de financiering van onderwijshuisvesting kan de neerwaartse spiraal in de onderwijshuisvesting keren. Zo zouden scholen een vaste vergoeding voor renovatie en upgrading moeten ontvangen zodra gebouwen ouder worden dan veertig jaar. Daarnaast horen gemeenteraden hun verantwoordelijkheid te nemen. Zij oordelen over de gemeentelijke begrotingen. Dus ook over de onderbenutting van middelen die bestemd zijn voor vernieuwing en vervanging van schoolgebouwen.

Ingrijpen is belangrijk voor onze toekomst. Volgens de Kenniseconomie Monitor 2010 staat Nederland nog op de achtste plaats van kenniseconomieën. De achterstand op de koplopers is groot en wordt volgens de rapporteurs alleen maar groter. Dat kan beter, te beginnen bij een drastische vernieuwing van onderwijsgebouwen in een inspirerende leeromgeving voor docenten, leerlingen en studenten.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels