artikel

wetenschapLastige onderhandelingspositie

bouwbreed

AanhefIn de komende periode moet Rijkswaterstaat de uitvoeringscontracten voor een aantal tunnels opnieuw dichttimmeren. Aanpassing van de tunnelstandaard noopte eerder tot openbreken van deze contracten. De minister moet enerzijds de Kamer informeren, maar wil anderzijds uit onderhandelingsoverwegingen de financiële troeven voor zich houden. Zal ze het hard spelen?

Een lastig parket, maar geen ongewone situatie. Aan post- contractuele heronderhandeling is een heel segment van de economische wetenschap gewijd. Een aantal jaren terug is er zelfs, aan de econoom O.E. Williamson, een Nobelprijs voor uitgereikt. De heronderhandeling blijkt een onontkoombaar aspect van aan- en uitbesteding per project. Hoezo onontkoombaar? Met het tekenen van het contract ondergaat de relatie tussen de partijen een “fundamentele transformatie” (zo wordt dat in de theorie genoemd). Eerst sluiten partijen na onderhandeling een contract. Perfecte contracten blijken een illusie. Aldus groeit bij uitvoering de druk om het contract aan te passen. Vooraf ligt de onderhandelingsbalans in het voordeel van de opdrachtgever – die kan dreigen een andere partij te kiezen. Na contract is het de opdrachtnemer die kan dreigen van het werk weg te lopen. Dat heeft potentieel vergaande gevolgen voor de opdrachtgever: vertraging, andere aannemer zoeken, omstelkosten etc. Kortom: nadien is de onderhandelingspositie van de opdrachtgever lastig. In zo’n positie bevindt Rijkswaterstaat zich nu. De minister moet tegelijkertijd ook haar budget heronderhandelen met een kritische Kamer. Wat zegt de theorie over zo’n situatie van heronderhandelen? Drie mogelijkheden noemde Williamson: vooraf afspreken hoe je variaties bepaalt en afprijst, zorg voor een brokje organisatie dat een bindend salomonsoordeel kan vellen en tot slot: wederkerigheden in het zaken doen die de intenties van continuïteit in de uitstralen. De eerste twee safe guards kunnen helpen, maar zijn zelf ongelukkigerwijs weer onderdeel van het contract en lopen daarom het risico tot aanleiding van heronderhandeling te worden. De derde is de oudste, en in het economisch verkeer van de doorsnee burger de meest gebruikte. Deze derde safe guard brengt geheugen en toekomst in het economisch verkeer: speel het redelijk en we blijven in zaken. Speel het onredelijk dan was dit de laatste keer. Als één van de partijen onredelijk is, dan blijft een deel van de rekening open staan. Die rekening zal niet snel vergeten worden. Welnu: zou dit echt de laatste keer zijn dat de minister naar de kamer moet over aanpassing in contracten? Zouden Rijkswaterstaat en de tunnelbouwers nu het perfecte contract sluiten? Redelijkheid lijkt mij geboden.

Universiteit Twente

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels