artikel

Tijd voor betere wettelijke basis

bouwbreed Premium

Het werkdomein van woningcorporaties krijgt een betere wettelijke grondslag. Volgens Michael de Groot moeten corporaties wel beseffen dat gemeenten een sterkere regisserende rol krijgen.Eigen koersBelangrijk is de versterking van de positie van gemeenten. Hun volkshuisvestingbeleid wordt centraal gesteld. Woningcorporaties moeten daaraan in redelijkheid bijdragen met hun werkzaamheden. Zij zouden nu teveel een eigen koers varen, zodat “in acht nemen” (zoals nu in het Besluit beheer sociale huursector opgenomen) onvoldoende is. Zonodig kan de gemeente interventie van de minister vragen. De minister kan aanwijzingen geven waarbij hij zich baseert op gemeentelijk woningbeleid en prestatieafspraken. Mits gemeenten en woningcorporaties zich toeleggen op het maken van helder beleid en daarop goed aansluitende prestatieafspraken (waar het in de praktijk nog al eens aan schort), zal een duidelijkere lokale koers in de volkshuisvesting worden gevaren. Woningcorporaties moeten wel beseffen dat gemeenten een sterkere regisserende rol krijgen. Kanttekeningen kunnen worden geplaatst bij het wetsvoorstel maar het geeft meer duidelijkheid in de regelgeving voor woningcorporaties.

Na de zomer wordt in de Tweede Kamer de Herzieningswet toegelaten instellingen volkshuisvesting behandeld. Hoofddoelstellingen van het wetsvoorstel zijn de verduidelijking van het werkdomein en het verbeteren van het interne en het overheidstoezicht. Ingrijpende wijzigingen van bestuurlijke en financiële verhoudingen tussen rijk, gemeenten en – de sinds de jaren negentig verzelfstandigde, veelal door fusies vergrote – woningcorporaties en uitbreiding van het werkgebied van woningcorporaties leidden tot versnipperde regelgeving. Verder was er veel discussie over de bedrijfsvoering van woningcorporaties. Bekend zijn voorbeelden zoals de SS Rotterdam, de plannen voor een campus van Sint Servatius en onduidelijke transacties bij verschillende woningcorporaties.

Staatssteun

Het werd tijd voor een betere wettelijke basis. Die is deels te vinden in het wetsvoorstel, hoewel veel nog moet worden uitgewerkt met een AMvB en beleidsregels. Een paar onderwerpen wil ik in dit artikel uitlichten.Het werkdomein van woningcorporaties krijgt een betere wettelijke grondslag. Na een discussie met de Europese Commissie wordt een deel van het werkdomein aangewezen als ‘Diensten van Algemeen Economisch Belang’ (DAEB). Deze diensten mogen worden verricht met staatssteun. De rest, zoals huisvesting voor mensen boven een bepaalde inkomensgrens en bepaalde activiteiten voor de leefbaarheid van de wijk met een commerciële basis (niet-DAEB-activiteiten), is ook toegestaan, maar dan zonder staatssteun. Wat precies van woningcorporaties wordt verwacht in deze belangrijke taak en hoe zij dit vorm moeten geven blijft vooralsnog onduidelijk. Een gemiste kans voor de volkshuisvesting. Over de vraag of woningcorporaties aanbestedingsplichtig zijn bestaat al lang discussie. De Raad van State sluit het in zijn advies over het wetsvoorstel niet uit, maar de minister is expliciet. Alleen maatschappelijk vastgoed moet volgens het wetsvoorstel worden aanbesteed. Dit niet op basis van aanbestedingsregelgeving maar omdat de Europese Commissie het heeft geëist. In een hiervoor bedoelde beschikking van de Europese Commissie is echter slechts terug te vinden dat Nederland aangaf dat maatschappelijk vastgoed al werd uitbesteed, wat vervolgens in die beschikking is vastgelegd. De bestaande onduidelijkheid wordt verder verankerd en zou wel eens door rechtspraak kunnen worden ingehaald, zeker nu de Raad van State de deur daarvoor heeft opengezet.

Advocaat bij Lawton Advocaten te Rotterdam en onderzoeker aan de VU op het gebied van de volkshuisvesting

Reageer op dit artikel