artikel

Gouden tijden

bouwbreed Premium

Zoals een iegelijk wel weet, is het huwelijk een contract waarin je problemen regelt die je niet zou hebben als je niet getrouwd zou zijn. Wat dat betreft is het dus een normaal contract. Het is echter slechts enkele decennia geleden dat de politiek besloot eenzijdig het contract te veranderen. De vrouw was toen ineens […]

Zoals een iegelijk wel weet, is het huwelijk een contract waarin je problemen regelt die je niet zou hebben als je niet getrouwd zou zijn. Wat dat betreft is het dus een normaal contract. Het is echter slechts enkele decennia geleden dat de politiek besloot eenzijdig het contract te veranderen. De vrouw was toen ineens geen gehoorzaamheid meer verschuldigd aan de man. Iets soortgelijks is er nu aan de hand met de pensioenen. Al eerder zijn pensioencontracten veranderd door de eindloonregeling te vervangen door middelloon. Dat kon iedereen nog begrijpen omdat de eindloonregeling verschrikkelijk duur was. Maar het systeem van de zogenoemde defined benefitbleef toen nog wel overeind.

Nu wordt al jaren geroepen dat die ook nog te duur is. Hoezo? In een tijdsbestek van veertig arbeidzame jaren worden zo’n acht tot tien jaarsalarissen bij elkaar gespaard. Dat is dan nog exclusief de in die veertig jaar opgebouwde vermogenswinst.

Toch moet het veranderen van de politiek die al een wetsontwerp klaar heeft liggen om dat te regelen. Logisch dus dat werkgevers en werknemers, vooral die laatsten, hun best hebben gedaan zelf een regeling te maken waar de politiek mee uit de voeten zou kunnen. In gewoon Nederlands heet dat overigens chantage, maar dit terzijde.

Opvallend hierbij is de schreeuwende stilte van de bouwbonden. Toen de politiek met de voorstellen kwam om de aow-leeftijd te verhogen, moest en zou er van hen een regeling komen voor de zware beroepen onder de slagzin ‘veertig jaar is lang genoeg’. Dat geldt nu kennelijk niet meer.

De verklaring hiervoor is simpel. Als het de overheid is toegestaan om eenzijdig contracten te veranderen, dan mogen vanwege het gelijkheidsbeginsel private partijen dat ook doen. Dit betekent dat bouwbedrijven bij openbare aanbestedingen rustig ver onder de prijs kunnen inschrijven. Als het werk eenmaal gegund is, veranderen ze gewoon eenzijdig het contract.

Dat lijkt voor de overheid ongunstig uit te pakken, maar heeft zoveel goede kanten, dat diezelfde overheid zulks toe moet juichen. Jaarlijks kosten faillissementen de maatschappij miljarden. Als bedrijven eenzijdig de prijzen kunnen verhogen van contracten, dan is dat afgelopen. De continuïteit van de bedrijven is daarmee gewaarborgd. De bouwbonden begrijpen dat en kiezen terecht voor continuïteit en werkzekerheid van hun leden boven poen.

Reageer op dit artikel