artikel

Hoeveel modernisme verdraagt een historische stad?

bouwbreed Premium

Hoeveel modernisme verdraagt een historische stad?

De meeste toeristen bezoeken alleen de historische binnensteden. Daarin is een opeenvolging van dikwijls monumentale gebouwen uit diverse eeuwen te ontdekken. Jan den Boer onderzocht hoeveel modernisme een historische binnenstad kan hebben.

Verrassend is dikwijls het gevoel van eenheid bij alle bouwstijlen in
Europese historische binnensteden. Deze eenheid wordt dan af en toe onderbroken
door modernistische gebouwen die sterk afwijken. Soms is dit intussen een breed
erkende meerwaarde, dikwijls een brute verstoring. Piramides van glas en staal
op het binnenterrein van het Louvre in Parijs: een idee van de toenmalige Franse
president Mitterrand, uitgevoerd door de Japanse architect I.M. Pei, leidde
indertijd tot een enorme controverse. Hoewel de meningen nog steeds verdeeld
zullen zijn, hebben deze piramides intussen veel waardering gekregen.
Persoonlijk vind ik het een van de zeldzame voorbeelden waar zo’n strenge
moderne ingreep zo passend kan voelen en een meerwaarde is voor de historische
omgeving. In veel historische binnensteden zoals Parijs is het aantal moderne
ingrepen zeer beperkt gebleven. In een aantal door de Tweede Wereldoorlog
beschadigde steden, met name in Duitsland, maar ook bijvoorbeeld in Rotterdam
zie je dat de gevallen gaten door moderne bebouwing gevuld zijn. Dit geeft
dikwijls een rommelig geheel, omdat vanuit de moderne principes veel meer
gekozen is voor functionele bouw dan voor een op elkaar afgestemde
stedenbouwkundige structuur. Meestal zal een toerist niet op zoek gaan naar dit
soort moderne gebouwen, en vallen ze daardoor minder op. Interessant is om op
zoek te gaan naar die moderne gebouwen die zo sterk afwijken van de omgeving. In
Italiaanse binnensteden als Bolzano en Bologna staan maar zeer weinig moderne
gebouwen. In Bolzano is een van de opvallendste een nieuw gemeentehuis, dat wel
zeer sterk afwijkt van het monumentale oude gemeentehuis en de directe omgeving.
Waarom kiest de gemeente juist zelf voor een dergelijk afwijkende ingreep in de
historische binnenstad? In Bologna is achter de Dom in de jaren 50 een zeer
strak modern gebouw gerealiseerd. De winkels in het winkelcentrum hebben
intussen een eigentijdse moderne uitstraling, de buitengevel past op geen enkele
manier in de historische binnenstad. Achter dergelijke keuzes zit soms wel een
interessante geschiedenis. Iets verder van het centrale plein in Bologna staan
naast elkaar een hotel dat in oude stijl gereconstrueerd is, een woongebouw uit
de jaren 50 en een gebouw in klassieke stijl. Een winkelier in de buurt vertelt
dat het ‘klassieke’ gebouw een fascistisch ontwerp is uit de jaren 30. Een
nietsvermoedende toerist zal deze politieke kleur niet snel vermoeden bij dit
gebouw dat op het eerste gezicht goed past binnen de historische omgeving. Het
zijn soms wel juist deze politieke invloeden die geleid hebben tot keuzes voor
moderne architectuur die niet verbonden zijn met fascistische machthebbers.

Kiezen

Nu het modernisme in zijn extreme vorm zelfs in Nederland steeds minder
invloed heeft, is opnieuw de vraag belangrijk hoe om te gaan met eigentijdse
architectuur in historische binnensteden. Elke keuze heeft zijn voor- en
nadelen. In de Duitse stad Münster is bijvoorbeeld gekozen voor een complete
constructie van de gebombardeerde historische binnenstad. Het is opnieuw een
prachtige binnenstad, maar toch is iets voelbaar van onechtheid, alles ziet er
net iets te nieuw en strak uit om het historische gevoel op te roepen. De
modernistische piramides van Pei zijn uniek, je kunt dit soort ingrepen maar
heel beperkt herhalen zonder dat je de historische omgeving geweld aandoet. Er
zijn ook voorbeelden waarbij niet is gekozen voor reconstructie, maar evenmin
voor een streng modernistisch contrast. Een mooi voorbeeld dat ik tegenkwam is
de Badische Landesbibliothek van Oswald Mathias Ungers in Karlsruhe (1983-1991).
In de historische binnenstad, tegenover een prachtige historische kerk. Je ziet
dat het een eigentijds ontwerp is, het wijkt af van de omgeving, maar past op
een boeiende manier toch in het geheel van de historisch gegroeide omgeving. Zo
blijft het zoeken hoe we met historische binnensteden omgaan. Alleen behouden
wat er is past niet binnen de manier waarop deze steden juist de totale
geschiedenis zichtbaar en voelbaar maken. Het extreme modernisme is intussen ook
geschiedenis. Voor de toekomst zal de nieuwbouw hopelijk weer beter aansluiten
op de omgeving en toch vernieuwend zijn.

Reageer op dit artikel